centrale noodverlichting

Verschil centrale en decentrale noodverlichting.

Wat is het verschil tussen centrale en decentrale noodverlichting.

Bij noodverlichting kunnen we spreken over centraal en decentraal gevoede armaturen. Decentraal gevoede armaturen zijn voorzien van een inwendige batterij. Centraal gevoede armaturen worden allemaal gezamenlijk gevoed door 1 of meerdere batterij-units. De batterij-unit is een opslag voor alle accu’s van de aanwezige armaturen. Er zit dan geen eigen accu meer in de noodverlichting.


Waarom wordt noodverlichting decentraal of centraal gevoed?

De hoogte van het gebouw is één van de  factoren die de keuze voor het plaatsen van decentraal of centraal beïnvloedt. Denk hierbij aan kerken, industriële loodsen, etc. Hoe hoger het plafond hoe meer voordelen voor de centrale noodverlichting. Ook de lichtopbrengst op risicovolle werkplekken kan een rede zijn om te kiezen voor centrale gevoede armaturen.

Het voordeel van centrale noodverlichting met de functie vluchtroute verlichting zit hem met betrekking tot de hoogte dat het armatuur getest kan worden vanaf de grond. Zo hoeft het armatuur maar 1 keer in de 4 jaar opengemaakt worden om de lamp te vervangen.

Het nadeel van centraal gevoede noodverlichting is het aanleggen van een leidingsysteem van de batterij-unit naar alle armaturen. Dit betekent meer arbeidsuren en meer leidingwerk dan voor decentraal gevoede armaturen.

 

Decentrale noodverlichting wordt geplaatst in het al bestaande lichtnetwerk. Het voordeel hiervan is dat de noodverlichting gelijk aanspringt als in het lichtnetwerk een storing optreedt. Na het wegvallen van de spanning moet de noodverlichting binnen 5 seconden op 50% van de vereiste lichtsterkte zitten.

 

Het nadeel van decentrale noodverlichting is dat elk armatuur afzonderlijk gecontroleerd moet worden. De jaarlijkse controle van grote gebouwen en panden kunnen dan een tijdrovende klus worden. Met het afsluiten van een onderhoudscontract wordt het jaarlijks onderhoud overzichtelijk geregeld door de inspecteur.

Noodverlichting gebruikt als vluchtroute aanduiding moet elk jaar afzonderlijk worden gecontroleerd. Het maakt voor deze vorm van noodverlichting dan ook weinig verschil of het decentraal of centraal gevoed is.